donderdag 16 november 2017

Oma Wijhe lacht


Het bijzondere aan deze foto van mijn oma is dat ze voluit lacht. Als ze moest poseren dan hield ze meestal haar lippen stijf op elkaar, maar op deze foto uit 1970 is de foto op een beter moment genomen. Als je ernaar kijkt krijg je zelf plezier al weet je niet waarom destijds zo hard gelachen is.

woensdag 1 november 2017

Interview met Bart Slijper, Annelies Verbeke, Rob van Essen en Bert Wagendorp


Fijne maand om schrijvers te interviewen. Deze maand:

3 november:  Bart Slijper over Hemelbestormers bij Boomker in Haren.

4 november: Annelies Verbeke en Rob van Essen op Het Grote Gebeuren in Groningen.

25 november: Bert Wagendorp Masser Brock op Explore the North in Leeuwarden.

donderdag 26 oktober 2017

De valkunstenaar: boek van de week van bibliotheek Ommen

In zijn romans refereert hij graag aan zijn geboortegrond. Zo speelt ‘De valkunstenaar’ voor een groot deel in het fictieve Oud- Heeten, zijn eerdere roman ‘Victorie’ speelt zich deels af op landgoed ‘Het Nijenhuis’ in Wijhe. Peppelenbos schrijft met veel humor, fijntjes beschrijft hij de ontwikkeling van Bas Jan, zijn gedachtegang, zijn ontluikende seksualiteit. ‘De valkunstenaar’ leest prettig en is zeker ook een aanrader voor de lijst Nederlands op Havo/VWO.
Kijk, dat zijn leuke quotes. Ik kreeg via via een rubriek uit de krant in Ommen doorgespeeld. De hele recensie staat ook hier online.

donderdag 19 oktober 2017

Recensie De valkunstenaar (12) van Petra de Jong

Met mijn steeds hogere sprongkracht was ik klaar om te oefenen voor de val op het droge. Mede dankzij de badmeesters was het water overbodig geworden. Ik oefende verder bij ons in de tuin. Eerst met matrassen om de val te breken, maar al snel zonder. Uiteindelijk kon ik uit stand een salto voorover maken. Het kostte maanden, nee jaren, voordat alles moeiteloos leek. Mijn eerste val in het openbaar moest perfect zijn, een spectaculaire salto die iedereen zou verbazen.


Bas Jan werkt aan de perfecte val. Zijn ultieme ambitie: aangenomen worden bij de kunstacademie in Den Haag met een verpletterend optreden voor de toelatingscommissie. Hij oefent overal - in het zwembad, in zijn tuin, op de naturistencamping (naakt natuurlijk, tot groot genoegen van twee medegasten).


HOPPTORNET (TEN METER TOWER) by Axel Danielson & Maximilien Van Aertryck from Plattform Produktion on Vimeo.

De YouTube-filmpjes van onder andere halsbrekende toeren vanaf duikplanken die Peppelenbos tijdens het schrijven van dit boek (neem ik aan) op zijn social media deelde, vallen ineens op hun plek. Het resultaat van al dat kijken naar vallende mensen zijn beeldende omschrijvingen van de vallende Bas Jan die mij af en toe doen denken aan een favoriet uit mijn jeugd, Jonathan Livingston zeemeeuw. Het gegeven van vallen als kunst (pas als ik het boek uit heb ontdek ik waar de inspiratie voor dit gegeven vandaan is gekomen) is verrassend en bij tijd en wijle ook grappig.

Bas Jan zijn vader was ooit De Grote Fratelli, een illusionist die met zijn zoutgiet-truc wereldfaam verwierf. Nu is hij oud en Bas Jan heeft de zorg voor hem (en voor zijn jongere zusje Sasja en hond Leo). De zorg en liefde van Bas Jan voor zijn dementerende vader die uit het boek spreken zijn ontroerend. Bas Jan zoekt steeds naar omstandigheden waarin vader zich kan hervinden - kamperen met een tentje, zijn enige broer Vincent voor het eerst in veertig jaar opzoeken in het huis waar ze opgroeiden, een bezoek aan de meubelopslag waar de originele meubels uit het ouderlijk huis staan. Bas Jan is de vader van zijn vader geworden en die rol vervult hij als was het vanzelfsprekend.

Ik lees zelden nog fictie, maar ik heb De valkunstenaar met veel genoegen gelezen. De stijl is visueel - als ik regisseur was, zou ik er een speelfilm in zien. Een liefdevolle coming of age-roman die tevens een realistisch en toch hoopgevend portret schetst van de veranderende relatie met een dementerende ouder.

Petra de Jong

donderdag 28 september 2017

Recensie De valkunstenaar (11) van Cor Gout op Extaze


Op de website Extaze schreef hoofdredacteur Cor Gout een lange recensie.

In het boek De valkunstenaar is alles variété.
Zo beleef je het als lezer. Je pendelt tussen de uitersten kunst en slapstick, hoge en lage cultuur. Je gniffelt, grijnst, glimlacht en buldert het uit.
Het hoofdpersonage Bas Jan bekwaamt zich als valkunstenaar nadat hij gemerkt heeft dat hij met kunstig vallen en opstaan zijn treiteraars op school de mond kan snoeren.


Lees het hele stuk hier.

vrijdag 8 september 2017

Recensie De valkunstenaar (10) door 'Uw Redactie' van Kladblok

De recensent die zich verschuilt achter 'Uw Redactie' van Kladblok vond De valkunstenaar niet zo bijzonder. Even een kleine correctie op een feitelijke onjuistheid in het stuk: de roman kost slechts € 16,50. (Ik heb een stuk weggehaald waarin het einde werd verklapt.) Klik op de recensie voor een vergroting.


dinsdag 5 september 2017

Recensie van De valkunstenaar (9) door Brenda Baron

Vasthouden bepaalt de voorbode van vallen

'Vallen is loslaten: het moment bepalen dat je je overgeeft aan zwaartekracht’. In De valkunstenaar introduceert Coen Peppelenbos de adolescent Bas Jan, die in zijn eindexamenjaar zit en kunstenaar wil worden. Hoewel dit boek geen biografie is, verwijst de naam Bas Jan naar de valkunstenaar Bas Jan Ader. Bas Jan heeft zich voorgenomen om vallen als een kunstvorm te laten verworden. Hij doet er dan ook alles aan om buitengewoon exceptioneel voor de dag te komen bij de toelatingscommissie voor de Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Thuis voert hij zorgtaken uit richting zijn zusje Sasja en zijn dementerende vader. Als het Bas Jan lukt om de commissieleden te overtuigen en hij aangenomen wordt, zou je verwachten dat hij een gouden toekomst tegemoet gaat. Het loopt echter anders dan hij het zich voorgesteld heeft. Peppelenbos heeft met De valkunstenaar een buitengewoon ontroerend, origineel, gevoelig en begrijpelijk boek geschreven dat relativeert en helpt om vanuit een ander perspectief naar de wereld te kijken.

Ten eerste probeert Peppelenbos met het thema, dat hij erin verwerkt heeft, de kunstwereld op de hak te nemen. De hoofdpersoon, Bas Jan, wil namelijk naar de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten. De weg ernaar toe is allesbehalve gemakkelijk. Hierbij dreigt de maatschappij Bas Jan in te halen en dan lijkt het erop dat er nooit meer iets nieuws komt. Bas Jan wil dat vallen als een kunstvorm gezien wordt. Zo beschrijft Peppelenbos op pagina 74 en 75: ‘Ik moet de schoonheid van de val laten zien[…] Kunst, in ieder geval een val, moet intuïtief verlopen. Je kunt alles uitdenken en voorbereiden, maar de val zelf moet verrassend blijven[…] Dat moet ik over zien te brengen op mijn beoordelaars.’

Ten tweede lukt het Peppelenbos om met het gebruik van verschillende motieven mij tot nadenken te zetten. Zo roepen de moeizame liefdesrelaties nogal wat vragen op. De vader van Bas Jan heeft een moeizame relatie met zijn moeder. Het lijkt erop dat zijn ouders een open huwelijk hebben gehad. Als Bas Jan met zijn vader en zijn zusje naar Scheveningen gaat, leidt de dood tot een aantal ontmaskeringen. In het hoofdstuk ‘Ter navolging’ op pagina 139 dat overigens naar het boek van Kees ’t Hart zou kunnen verwijzen, schrijft hij: 'De dood is ingebouwd door het leven[…] Ik duw pa over de hobbelige steenvlakte naar de juiste plek. In robuuste blokletters is de naam Mathilde Kouwenhof in de zwarte steen gebeiteld.'



Ten derde heeft Peppelenbos de personages heel geloofwaardig en herkenbaar beschreven. Bas Jan, de hoofdpersoon, is bijna zeventien jaar en hoogbegaafd. Hij wordt aanvankelijk gepest op school, maar hij trekt zich er weinig van aan. Eigenlijk is hij een hele rare jongen, want hij heeft geen ander doel dan goed vallen. Hij specialiseert zich in vallen en als hij zo'n val demonstreert als het koningspaar op bezoek komt, wordt hij beroemd en populair bij zijn klasgenootjes. Bas Jan, zijn zusje Sasja en zijn oom Vincent zijn karakters. Ze veranderen in het boek tot evenwichtige, mensen die meer in balans komen. Op pagina 173 staat immers: ‘Oom Vincent begint steeds meer samen te vallen met zijn omgeving […] Alleen van de keuken moet hij afblijven. We hebben hem inmiddels geleerd hoe je op een nieuwe manier koffie kunt zetten […]’

Verder zou de boodschap van dit boek kunnen zijn, dat je verder moet kunnen kijken dan je eigen omgeving. Wellicht moet je eens over de schutting heen kijken. Peppelenbos heeft namelijk in een interview gezegd dat de ik-verteller min of meer gebaseerd is op de tuinman in Being there van Jerzy Kosinski. Die tuinman leeft 30 tot 40 jaar in een tuin en heeft geen grotere belevingswereld. Zo is dat ook met Bas Jan, die hij naar buiten stuurt, zodat hij allerlei ontmoetingen krijgt. Soms pakken die ontmoetingen goed uit, en soms brengen die ontmoetingen hem tot een uitdaging. Peppelenbos heeft mij met dit boek geleerd dat Bas Jan Ader een verzetsheld is, die ook als valkunstenaar bekend staat. Verder heeft hij mij geleerd dat je je dromen en idealen nooit moet opgeven: als je volhardt, zal het lukken, maar misschien wel op een andere manier dan je dat zelf voor ogen hebt gehad.

Kortom, De valkunstenaar neemt de kunstwereld op de hak, laat je flink nadenken over o.a. moeizame liefdesrelaties en De valkunstenaar bevat herkenbaar en geloofwaardig beschreven personages. Peppelenbos leert je over de schutting heen kijken en om nooit op te geven. Hij laat je huilen, hij laat je vallen, hij laat je vertrekken. ‘Dit laat je niet los’.

Brenda Baron

(foto: Parsifal2000, via Wikipedia, CC BY-SA 3.0 NL)

woensdag 23 augustus 2017

Recensie van De valkunstenaar (8) door Dolinde van Kol

Op de tandem naar Den Haag

Coen Peppelenbos wil gelezen worden. Kennelijk was hij er niet gerust op dat dit spontaan of in voldoende mate zou gebeuren, dus gaf hij 25 exemplaren van zijn nieuwste roman De valkunstenaar weg.

Het boek gaat over de bijna zeventienjarige hoogbegaafde Bas Jan die met zijn elfjarige bijdehante zusje Sasja op een tandem van hun woonplaats Oud-Heeten naar de stad Den Haag fietst. Op de aan de tandem vastgelaste melkkar zit hun dementerende, pijprokende vader in zijn rolstoel met hond Leo aan zijn voeten. ‘Leo betekent leeuw’, herhaalt vader te pas en - vaker - te onpas.

Uit de herinneringen die ik-verteller Bas Jan voor en tijdens de driedaagse reis ophaalt, wordt stukje bij beetje de geschiedenis van dit bijzondere gezin duidelijk. Vader is een beroemde goochelaar geweest, zijn dertig jaar jongere assistente werd de moeder van zijn kinderen. Het is een zakelijke deal en van moederliefde is geen sprake. Moeder verdwijnt dan ook snel van het toneel en uit het leven van Bas Jan en zijn zusje. Haar vertrek is aanleiding tot pesterijen: ‘Hij zit zonder moe-der; hij zit zonder moe-der.’. Als Bas Jan per ongeluk tegen een deur aanloopt, ontdekt hij zijn talent voor vallen en met het tonen van zijn valkunsten beëindigt hij het pesten. Inmiddels heeft hij zijn talent dusdanig ontwikkeld dat hij auditie mag doen bij de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag.


Daarnaast hoopt Bas Jan dat het geheugen van zijn vader beter gaat werken in Den Haag, de stad van zijn jeugd. Als zijn vader meer heldere dagen krijgt, stopt hij misschien met zijn verzoek om hulp. Vader wil namelijk absoluut niet naar een tehuis, maar wil ‘geholpen’ worden met pilletjes. Bas Jan kijkt echter weg, negeert de hulpvraag, houdt zichzelf en zijn vader voor dat het te vroeg is.

De personages worden goed neergezet en komen sympathiek over, maar toch blijft er enige afstand. Ik-verteller Bas Jan laat soms te weinig van zichzelf zien om dicht(er)bij te komen. Hij vertelt bijvoorbeeld wel over zijn uiteenlopende seksuele ervaringen, maar zijn gevoelens blijven onuitgesproken: hij ondergaat de vrijpartijen met enige verbazing en dat is het. Als hij over zijn moeder vertelt, en haar vele minnaars, concludeert hij dat hij nooit een moeder heeft gehad: ‘ook toen ze er was, zat ik zonder moeder.’ Geen verwijten, woede of wraakzucht. Dit (schijnbare) gebrek aan emoties strookt niet met zijn zorgen over zijn vader en zusje. Ontroerend zijn de pogingen van Bas Jan om de doodswens van zijn vader te keren, ook al weet hij diep van binnen dat de kans op verbetering niet groot is.

Het verhaal is licht absurdistisch en beslist vermakelijk. De soms hilarische belevenissen en herinneringen volgen elkaar vlot op en worden ons door Bas Jan nuchter en soms droogkomisch verteld: ‘Ik ben blij dat ze [zijn moeder, DvK] zo voorzichtig is geweest, anders was ik nu een Surinamer geweest.’ Hier en daar komt hij filosofisch uit de hoek (‘vliegen is uitgesteld vallen’), gebruikt hij pakkende beeldspraak (het ‘stuift’ in vaders hoofd’) en hij kent zijn klassiekers: ‘natuur is voor tevredenen’.

Als kers op de taart wordt het verhaal afgesloten met de onthulling van een familiegeheim en een onverwachte daad van Sasja.

De valkunstenaar is duidelijk met plezier en aandacht geschreven. Het is een onderhoudend verhaal geworden dat garant staat voor een paar uur leesplezier. Peppelenbos hoeft zich dus geen zorgen te maken: hij zal gelezen worden.

Dolinde van Kol

zondag 20 augustus 2017

Recensie van De valkunstenaar (7) door Esther Dikkers

In De valkunstenaar van Coen Peppelenbos wordt het verhaal beschreven van de jonge Bas Jan die zichzelf de kunst van het vallen heeft aangeleerd. Als valkunstenaar wil hij graag aangenomen worden op de kunstacademie. Naast het trainen voor zijn stunts is Bas Jan druk met de verzorging voor zijn vader, die dementerend is, en zijn jongere zus. Bas Jan besluit samen met hen en de hond op fietsvakantie te gaan naar Den Haag. In Den Haag woont oom Vincent en Bas Jan hoopt dat zijn vader door de beelden uit het verleden weer op zal knappen. Hij wil het bezoek combineren met zijn toelatingsgesprek voor de academie.

Het boek laat vaak op zachte en lichte toon het bijzondere leven zien van dit gezin. Het lijkt een gewoon gezin, maar de gebeurtenissen, hobby’s en personages zijn toch wat afwijkend van de doorsneegezinnen. De hobby van Bas Jan, vallen, is vrij ongewoon. Zijn zus Sasja verminkt Barbies tot enge popjes. De vader was vroeger goochelaar en moeder is al vroeg in het leven van Bas Jan en Sasja verdwenen omdat ze de kinderen niet interessant vond. Ook de bedachte fietsvakantie, waarbij het gezin bijvoorbeeld op een nudistencamping terecht komt, ligt niet direct voor de hand. Het verhaal is daardoor verrassend. Zo is het bezoek van het koninklijk echtpaar aan de school van Bas Jan met humor beschreven. Bas Jan kan het niet laten om zijn valkunsten te laten zien aan het paar, waarmee hij natuurlijk de landelijke pers haalt, maar ook het ziekenhuis.

Esther Dikkers

woensdag 16 augustus 2017

Recensie van De valkunstenaar (6) door Peter Roseboom

‘Ik heb papa wél geholpen!’

Vorig jaar verscheen bij Uitgeverij kleine Uil de roman De valkunstenaar. Het is de tweede roman van Coen Peppelenbos, die naast het schrijven van romans bekend staat als promotor van literatuur zowel landelijk via de website Tzum, als regionaal met name in Groningen en omstreken. In de pers kreeg het boek weinig aandacht en dat is niet terecht.

Aan het begin van het verhaal worden diverse vragen opgeroepen waaruit evenzovele verhaallijnen ontstaan, die door toedoen van de wijze van schrijven nieuwsgierig maken naar het verloop ervan. Bas Jan, 16 jaar, leeft samen met zijn dementerende vader en vijf jaar jongere zusje Sasja. Hij heeft de middelbare school met succes doorlopen en wil nu aangenomen worden op de kunstacademie in Den Haag. Regelmatig zegt vader tegen Bas Jan: ‘Je moet me helpen.’ Hij maakt een plan voor een fietsvakantie vanuit het oosten van het land naar Den Haag. Hij maakt gebruik van de goedheid van een oom, de broer van zijn vader, die in Den Haag het huis bewoont waarin ze samen zijn opgegroeid. Ze mogen komen logeren. Dit zou goed zijn voor het prikkelen van het geheugen van zijn vader en voor hemzelf komt het goed uit, want dan kan hij toelatingsexamen doen voor de kunstacademie.

Lukt het om met een tandem met aanhanger Den Haag te bereiken? Wordt Bas Jan aangenomen op de kunstacademie? Zal de wens van vader uitkomen? Hoe zit het met moeder en waarom verminkt Sasja haar barbies?

In een kleine dertig korte hoofdstukjes worden de meeste vragen beantwoord. Gelukkig blijft er ook nog wat te raden over. In de beschreven avonturen wordt veelal verwezen naar actualiteiten van de afgelopen jaren. De verwijzingen lijken vaak kwinkslagen waardoor een glimlach op het gezicht van de lezer ontstaat.

Zo vroeg ik me af of de man die Bas Jan ontmoette op het strand ooit gedrumd had in een bekend praatprogramma op televisie. Het item hoogbegaafdheid komt aan de orde, maar kan zo maar vervangen worden door een ander hersengerelateerde hype als adhd of dyslexie.

De valkunstenaar verdient de aandacht van een groot lezerspubliek. Een verhaal waarin de hoofdpersoon niet bij de pakken neer gaat zitten, maar die bij tegenslag steeds nieuwe oplossingen bedenkt. Zijn vader denkt daar wellicht anders over.

Peter Roseboom